Bloedappel van Troy Blacklaws

BloedappelTroy Blacklaws
Bloedappel

Ambo, 2006

Na Jongen uit de Karoo is Bloedappel de tweede roman van de Zuid-Afrikaanse auteur Troy Blacklaws (1965). Ondanks dat hij niet meer in zijn geboorteland woont, spelen zijn boeken zich daar wel af. Net als zijn eerste roman is dit een ontwikkelingsroman. Blacklaws verhaalt over de jeugd van Gekko die geleidelijk ontdekt wat het betekent in een apartheidsstaat te leven (in de jaren ’70). Hij valt buiten de groep door zijn afwijkende mening, maar net als elke tiener wil hij er toch graag bij horen. Hij is sowieso al een buitenbeentje door zijn Engelse afkomst tussen de overwegend Afrikaner kinderen, hetgeen hem de bijnaam ‘rooinek’ bezorgt. Maar vooral zijn anti-apartheidsgevoelens maken hem het mikpunt van pesterijen. De tragedie bereikt een climax als Gekko het leger in moet en er ook daar niet bij hoort. De behandeling die hij daar krijgt, doet hem besluiten te deserteren, waardoor hij niet anders kan dan het land uit te vluchten.

Thema’s en onderwerpen die al in Blacklaws’ debuut aanwezig zijn, duiken ook in Bloedappel op; ontluikende seksualiteit, verlies van onschuld, een verhuizing naar een andere streek, pesten, met rietjes straffende leraren, cricket, de zee en druk van de omgeving. De kracht van Bloedappel zit in Blacklaws’ stilistisch vermogen om met weinig woorden een sfeervol beeld van het Zuid-Afrikaanse landschap en leven te schetsen. Kenmerkend zijn z’n korte zinnen en het gebruik van humor. De pijnlijke jeugd van Gekko wordt op een luchtige, haast grappige wijze verteld waardoor de roman mooi in balans is en indruk maakt.

Share