De ijsdragers van Anna Enquist

De ijsdragersAnna Enquist
De ijsdragers

boekenweekgeschenk 2002

Dit boekenweekgeschenk was snel uit, het leest dus vlot.
Ik ben niet laaiend enthousiast, maar ook niet ronduit negatief. Best een aardig verhaal over een niet al te origineel onderwerp, recht uit het leven gegrepen. Simpele, inwisselbare namen – Nico en Loes – het hadden zo je buren kunnen zijn, en een probleem dat broedt en gaandeweg escaleert. Op zich wordt het verhaal goed opgebouwd, het gaat langzaam richting de ontlading van de in het begin uitgesponnen spanningen.

Toch klopt er iets niet in de dosering; het tempo ligt in het begin van het verhaal veel lager dan aan het eind. Naar mijn mening worden er in het begin veel te veel uitgebreide beschrijvingen gegeven van alledaagse, haast futiele, zaken. En daardoor worden er op het laatst een aantal gebeurtenissen min of meer tussen gepropt, die best wat meer beschrijving mochten hebben.

Wat ook beter had gekund is het vasthouden van een spanningsboog. Meteen op pagina 12 weet je al wat er is gebeurd met dochter Maj. Hoe het verder is gelopen met haar, daar wordt je niet nieuwsgierig naar gemaakt en dat kom je ook niet echt te weten. Een andere spanningsboog wordt gecreëerd door het verhaal van Nico’s veranderdrift en de weerstand die dat oproept – mijns inziens ’n vrij dun boogje.

Verder had van mij het perspectief niet zo vaak bij Nico hoeven te liggen, maar meer bij Loes mogen blijven. Je werd er niet echt iets wijzer van en het benadrukte alleen nog maar meer zijn kant van de (psychiatrische) zaak. Al die theorietjes over psychiatrische behandelmethoden hadden wat dus wel wat minder nadrukkelijk aan de orde hoeven te komen. Wat ik interessanter had gevonden was de relatie die Nico had met zijn dochter (en vrouw) in het verleden.

Ik heb in een interview gelezen dat Anna Enquist er bewust voor gekozen heeft het verhaal zo eenvoudig mogelijk te houden qua structuur (perspectiefwisselingen kon nog wel, maar flashbacks niet) vanwege het boekenweekgeschenkpubliek. Ze zei letterlijk dat iemand die een tuinboek koopt haar verhaal ook moet kunnen volgen. Nou, wat mij betreft dus een misser, want ik had die flashbacks naar het verleden juist wel interessant gevonden. Het had het verhaal misschien wat meer diepgang gegeven en het gedrag van de hoofdpersonen wat begrijpelijker gemaakt. Met alleen maar die perspectiefwisselingen op z’n tijd (op deze manier) wordt hun gedrag niet doorzichtiger.

Af en toe duiken er mooie, meer poëtische zinnen op in het verder erg beschrijvende, droge proza, zoals op de laatste bladzijden “Er moet samenhang zijn. Ik ben scherven. Ik ben splinters”. Even daarvoor is de stijl ook sterker als de zinnen wat beeldender zijn, zoals “Haar twee begeleiders praatten zacht tegen elkaar en hielden haar met hun woorden omsloten”, of even verderop als ze korter en ritmischer zijn: “Ze nemen afscheid. Ze hebben verdriet. Ze zijn onmachtig, ze hebben slechts hun lied.” Maar het is zoeken naar de wat mooiere zinnen, want de meeste zijn gewoon wat lelijk in hun functionaliteit.

Share