Motieven

Een motief in literatuur is een herhaaldelijk terugkerend element. We herkennen het omdat het ook in andere verhalen voorkomt (bijv. driehoeksverhoudingen, generatieconflicten) of omdat het binnen hetzelfde verhaal meermalen voorkomt (bijv. een voorwerp, een lied, een kleur, een bepaalde handeling, een gevoel). Herhaling is essentieel.

Motieven zijn vaak abstracte aanduidingen van concrete verhaalgegevens, zoals ‘het vergankelijke’, ‘de dood’, ‘de rol van de opvoeding’.

Motieven vormen als het ware een patroon van grotere en kleinere elementen in een roman. Van een patroon spreek je pas als een bepaald element meerdere keren terugkomt in een verhaal. Herhaling is dus van belang. Met andere woorden literaire motieven bestaan dankzij de herhaling.

De meeste motieven in een roman kun je ook wel beschouwen als kleinere thema’s die alle verwijzen naar het hoofdthema. In recensies en boekbesprekingen wordt in veel gevallen geen duidelijk onderscheid gemaakt tussen thema en motieven. Vaak worden het thema en de (belangrijkste) motieven van een roman in een adem genoemd als de ‘thematiek’ van een boek.

Er zijn ook motieven die zich niet op abstracte wijze laten formuleren, maar die zich wel kenmerken door herhaling. Zulke motieven worden leidmotieven genoemd. Zo kunnen citaten van een filosoof bijvoorbeeld een rode draad door het hele verhaal vormen, in dat geval spreek je van een leidmotief.

Ook een steeds terugkerende kleur, gedachte, lied, voorwerp of gevoel kunnen motieven zijn.